maandag 20 september 2021

Swisspeaks 170k 2021

Donderdag

Om 8 uur 's morgens begin ik samen met Addie, Fanny en Adriaan aan de mooiste race van mijn leven. Een barre tocht over de wondermooie toppen van de Zwitserse Alpen a.k.a. Swisspeaks170. Met zijn 11500 meter omhoog, 172 km in de verte en 13 500 meter de dieperik in beloofde het toch niet de standaard Ardennen trip te worden. Misschien zeggen die cijfertjes niet veel, ze hebben me toch mooi 50 uurtjes bezig gehouden :-). 

 

We beginnen meteen aan een klim van 800 meter. Het begin is mooi, een stuwmeer in een rotsachtige omgeving, met hier en daar schapen in alle maten en gewichten. Maar wat het meeste opvalt is dat de lucht die ijler wordt. Al snel kiest ieder van ons een positie en patser Addie zijn we kwijt met de kopgroep. De omgeving verandert stilletjes in een soort rotsenwoestijn met oases van sneeuw. 2 uur ver in de wedstrijd krijg ik een eerste waarschuwing van de trailgoden. De steen waar ik mijn tankiaans gewicht op zet, staat niet vast en klinkt naar achteren. Timber! Ik val salto gewijs achterwaarts op mijn arm en mijn hoofd tikt netjes tegen een rots. Ik kom er met de schrik van af, 8 punten van de vakjury. Feitelijk heb ik geen last van de hoogte, maar adem wel zwaarder. Na een tijdje halen we de top, we staan bijna 3000 meter boven de zeespiegel. De race is goed begonnen, nu enkel nog dalen, stijgen, dalen, ... 

 

Natuurlijk trek ik het nodige didactisch materiaal. De omgeving geeft zich hoek per hoek prijs en het levert prachtige beelden op. Een meer omgeven door bloemen doet mijn fotografisch spier stuiptrekken. Na een tamelijk technische afdaling komen Fanny en ik Adriaan terug tegen. Hij ziet er nog goed uit maar klaagt over hoofdpijn boven de 2500m. In de ravito krijgen we alles wat we maar willen. Ik drink een klein glaasje wijn, eet raclette met ajuintjes, een boke met een schelleke kaas en nog wat chocola . Deze keer willen met Adriaan mee, maar plots is ie al weg. Fanny en ik zetten de achtervolging in, maar de vogel is gaan vliegen. Pas 24 uur later hoor ik dat Adriaan gewoon nog eventjes het schijthuis bezocht, en in achtervolgingsmodus moest. :-)

 


Donderdag namiddag. De volgende helling is lang en stijl. Ik heb moeite met het stevige Fanniaanse tempo. Volgens Fanny is pauze nemen tijdens een beklimming een slecht idee. Het voelt toch lekker, als je het aan mij vraagt. Als didactisch voorbeeld komen we een half lijk tegen dat niets meer in zijn mars heeft dan rusten tegen de bergwand. De helling wordt alleen maar steiler en super fris komen we boven aan. Correctie :  Fanny fris, ik niet echt.  Ik verlies haar uit het oog tijdens de afdaling, De achtervolging duurt lang en ik haal veel volk in, maar geen Fanny te bespeuren.

 

Laat in de namiddag is er weer een ravito, mooi bovenaan de berg. Blijkbaar moest ze een pitstop doen, dat verklaart veel. Lekker bijvullen, lekker bikken en 10 minuten later is Fanny alweer met een ander groepje op pad. Ik haal ze wel in, maar telkens komt er een prachtige bergflank voor mijn lens en ben ik verplicht om er een fotoreportage van te maken. Dat schiet dus niet op. De afdaling is rond de 10 km en we moeten voorbij een heel steil stuk. Hier kan ik veel tijd goed maken op de anderen en haal Fanny in. Mijn ritme is goed ritme en maar dalen. Helemaal beneden in het dorp zet ik me neer voor wifi en thuisfront berichten. Na poosje komt Fanny af, ze heeft mega veel vrienden gemaakt en ik vervolledig de troepen. We krijgen vers geplukte framboosjes van een mini supportertje, super schattig. Nog 2 km een kleine helling en we zijn in onze avond ravito. 

 

 

Donderdag avond. In de ravito heerst er een gezellige sfeer, het is er druk, warm en biedt lekkere spijzen. De soep is ultra vettig, dat vraagt om een extra portie. Blijkbaar is er bovenaan de volgende CP geen drank niet meer, extra meenemen dus. De avond valt en we hebben al stevig wat hoogtemeters in onze benen. Fanny vertrekt samen met mij, maar het mag rapper voor haar. "We zijn hier geen wandelclub". Haar tempo gaat weer de hoogte in, Fanny is weer ribbedebie. Maar voor mij is het camera tijd. De zon zakt tussen de bergen. De glinstering in een berg rivier, de nacht die ons tempo lam legt, de sterren die beginnen te gidsen. Veel te mooi om niet te vereeuwigen.

Een half uur later is al het licht uit het dal, het pad begint meer te stijgen. Ik wandel door een soort witte stenen zee. Absoluut geen gevaarlijk terrein dus ik laat de zaklamp zo lang achterwege. Zalig zo onder een dons van sterren gefonkel wandelen, hiken, struikelen, voort gaan. Na een half uurtje haal ik Fanny weer bij. Ga ik sneller of is haar tempo wat gezakt? Wie zal het weten? 

 

Deze helling voelt best aangenaam aan. Maar het bos neemt over van de woeste vlakte, de hellingsgraad neemt toe. Daarna zijn we omgeven door een rotsen-zee. Het pad wordt steiler en steiler, de aangenamiteit is ver te zoeken. Lichtjes van andere runners ver achter ons beginnen ons toch te naderen. Blijkbaar rendeert een tank niet als het super steil is. Nu komt het keerpunt. De zee van rotsblokken vraagt voornamelijk klauterwerk. Op handen en voeten probeer ik me een weg te banen langs de Zwitsers vlagjes. Dat het pikdonker is maakt navigeren moeilijk en ik betwijfel of ik het ideale pad neem. Om eerlijk te zijn, het gaat hier voor geen meter vooruit, le Fenêtre d'arpette geeft zich niet zomaar gewonnen. Dit is de strafste helling voor mij, ik moet Fanny weer lossen. Dan begint mijn Garmin horloge lastig te doen. Eerst belooft het klimscherm me dat het nog maar 200 hoogtemeter is en als dat tellertje eindelijk op nul staat, blijk ik nog kei veel verder omhoog te moeten, aaaargh. 

Als een gestrande soldaat hijs ik me over de laatste richel van le Fenêtre d'arpette. Hier moet ik eventjes van bekomen. Een dame van de organisatie heeft wat troost, salami en kaas te geef. Dankbaar rust ik hier wat uit en hergroepeer mijn troepen. Soldaat Fanny is natuurlijk al gaan verkennen hoe de afdaling eruit ziet. Na 10 minuutjes zet ik met nieuwe moed de achtervolging in.

Vrijdag

Deze afdaling laat zijn indruk na. Hoge witte rotsen met losse keien om het vertrouwen te fnuiken. Stoer probeer ik tempo te maken, want hoe meer je blokkeert, hoe meer energie er verloren gaat aan extra bewegingen. Na een poosje haal ik Fanny en wat andere lopers in. Ik wens ze succes en duik verder naar beneden. Mijn vertrouwen groeit en ik film zelfs een deel van mijn afdaling.  Het geluid van de wegrollende stenen op dat filmpje geeft me nadien nog steeds koude rillingen. In mijn hoofd ging ik deze afdaling super vlot, op strava bleek dat ik hier heel traag vorderde :-) Ik blijf pushen en en haal veel lopers in. 

Beneden aan de ravito voel ik me top. Om de flow niet te verstoren besluit ik hier niet te treuzelen en snel door te gaan  Het volgende gedeelte is toch maar 6 km, met een dikke puist in het midden. De eerste 2 km vliegen voorbij, zelfs als het pad stijgt. Maar daarna gaat de puist harder en harder zweren. Het afzien is weer begonnen. Gelukkig is dit steile gedeelte maar van korte duur. De afdaling valt mee, al zijn er veel trappen. De helling voor de ravito vraagt veel van mijn energie. Groot is mijn vreugde als ik de straat terug zie, de dropbag ravito is nabij. We zitten 72 km ver in de race, dit was al heftige shit.

 

Opladen, slapen, propere kleren, douchen, massage is de bedoeling. Hahaha ijdele woorden. Mijn horloge wil niet goed opladen, de slaapzaal ligt vol snurkers, het eten is maar matig, de douches zijn onvindbaar, de gsm ontvangst is slecht. Na 10 min in de slaapzaal geef ik het op, dan maar weer vertrekken. Wachten op Fanny heeft blijkbaar ook weinig zin, de zware afdaling heeft haar te veel achterstand opgeleverd, oei sorry.

 

In het donkerste deel van de nacht vertrek veel te warm aangekleed. Na 150 meter zweet ik me al kapot. Ik haal een groepje van 4 in, maar blijf hun adem voelen in mijn nek. Dit is de langste klim van de hele wedstrijd. Feitelijk begon ie al van voor de ravito, van het diepste dal 1500 meter richting de hemel tot op 2500 meter. Het ingehaalde groepje komt weer dichterbij, toch tracht ik het tempo hoog te houden. Ongeveer 15 minuutjes later haalt een Zwitserse loopster me vlotjes in. Ik probeer in haar stofwolk te blijven. Zo kom ik te weten dat ze feitelijk geen ultra loopster is, ze skiet veel en wandelt graag, dus waarom niet. Pauze nemen op hellingen is een slecht idee, geeft ze als tip, desnoods tempo gewoon drastisch omlaag maar door blijven gaan. Waar heb ik dat nog eens gehoord? Als we de de top naderen doet de berg plots weer moeilijker. Het moet zo nodig nog steiler worden en dus zakt mijn tempo tot 2 km per uur en lager. De Zwitserse laat ik gaan en ik krijg het gezelschap van 2 jonge gastjes op stokken. We komen ongeveer samen de richel over, net als de dag terug aanbreekt. Wat een ontlading. De zwaarste bergen zijn nu achter de rug, De hoogste toppen zijn verleden tijd. We zitten nu ongeveer op de helft van de afstand. En het zonnetje is daar, de dag breekt aan!

Boven op de top zie ik de zon verschijnen. Fotografisch orgasme nog aan toe, amai mijn klak. Wat een prachtig natuurgeweld. Ik zou er bijna poëtisch van worden. Hoe mooi kan het zijn? De kale rotsen, die kracht van de natuur, die steile pieken, die zonnestralen. Tegen mijn 2 nieuwe maten zeg ik dat ik tamelijk goed kan dalen. Mijn woorden zijn nog niet koud  of ik val en bezeer mijn hand tussen 2 rotsen. Verdorie dat doet pijn, gelukkig heb ik niets voor. Maar ik kijk naar mijn hand, vloek en moet mijn woorden terugnemen. Verdorie zo hoort een pink niet staan! Mijn rechterhand bezit plots een pink die met het kootje naar achter wijst, dit is totaal niet de bedoeling. Zonder erover na te denken verander ik van een tank in rambo. Hersenen op nul en actie ondernemen. Klak, ik zet mijn pink gewoon terug in de juiste richting. Dat ziet er al beter uit, maar hij kan spijtig genoeg nog steeds niet volledig plooien. Dit zijn zorgen voor later. Met veel minder vertrouwen daal ik met mijn nieuwe vrienden deze technische helling af. De adembenemende schoonheid van dit dal dwingt me wel om veel fotografisch materiaal bijeen te sprokkelen. Mijn vrienden nemen een iets te lange pauze en ik begin al weer het dal te doorkruisen. Eerst de herder met al zijn koeien nog voorbij, daarna nog langs een prachtig bloemenveld. De helling wordt weer steiler, maar de natuurpracht helpt enorm.


 

Over de berg ligt een afdaling met een bergmeer dat een of andere trailgod daar is gaan leggen. Een prachtig meer, met pittoreske boompjes, geweldige weerspiegeling, prachtig weer en de nodige wolkjes om de scene wat meer diepgang te geven. Ik pits in mijn eigen gat om te voelen of ik niet gewoon aan het dromen ben. Gelukkig niet. De steenbokken op 10 meter van mij gelden als kers op de taart. Ik geef ook nog eens ferm gas en haal nog ene in die zowaar de 360 aan het lopen is. Hij maakt zich zorgen over de cut off time, maar ik zeg dat we nog ruim de tijd hebben. Op dit punt hebben we nog meer dan 24 uur de tijd om te finishen. Langs het meer ligt de ravito. Chocolade, snoep en bier. Perfect dus om weer in gang te schieten voor het volgende stuk. Hier kom ik meer en meer deelnemrs van de swisspeaks 360 tegen. Italianen, Canadezen en Chinezen. Ik gok dat we nu al vrijdag namiddag zijn.

 

Op deze sectie maak ik enkele beelden die ik nadien het meeste associeer met deze run. Het ruwe hoog gebergte, met lopers die zo miezerig klein zijn dat ze de verhoudingen extra in de verf zetten. Ik stijg niet zo snel meer en een loper van de 360 zegt me dat een half uur slaap wonderen kan doen. Nieuwe benen na slaap, waarom niet? De achterkant van deze bergen beginnen als een stenen zee, maar er komt meer en meer gras aan te pas. Aan de ravito staat de Zwitserse te praten. Blijkbaar zitten vrienden van haar verder in het dal. Ze moet daar snel zijn. Als een berggeit snuift ze weg. Ik ga als een logge muilezel naar beneden. Een van de steilste afdalingen met kettingen en zijn diepe afgronden maken veel indruk op me. We zijn nu ongeveer 30 uur onderweg en de vermoeidheid begint zijn tol te eisen. Ik kan nog wel genieten van de schoonheid van de trip, maar vlot gaat het niet. Zou ik niet proberen een uiltje te knappen? Maar de helling is te steil, ik vind geen lekker plekje, zo kom ik dan eindelijk aan de CP. Blijkbaar hebben ze hier ook veldbedden staan. Eventjes ogen toe? Natuurlijk, ze zijn hier heel vriendelijk. Ik leg me 30 minuten neer, ik ril, droom met ogen open en geniet van de platte rust.

 


Achteraf bekeken was dit een slimme zet. De sectie nadien vlieg ik naar beneden, zweef ik naar boven en loop ik langs de koeien. Op 10 km haal ik alle tijd, verloren door het slapen weer in. Tegen de vooravond kom ik toe in een skidorp. Het is de laatste keer dat ik mijn dropbag zie op km 110. Tim is daar en helpt me een beetje. Hier is lekker eten, ik neem ne zalige douche, de batterijtjes terug opladen letterlijk en figuurlijk. Er is ook nieuws over de andere runners. Addie loopt uren voor en Fanny en Adriaan zijn 2 checkpoints eerder moeten stoppen omdat ze ingehaald werden door de tijd, jammer zeg. Blijkbaar hadden ze eerst op elkaar gewacht en nog een fijne tijd samen verder gegaan.

 

Na het verlaten van deze ravito zijn er meer en meer runners van de 100 die me inhalen. Hun stokkengeweld zorgt ervoor dat ze bijna anderhalf keer zo snel als ik voorbij knallen. Ik gebruik geen cheat sticks ;-) De nacht valt weer, maar de weg omhoog is tamelijk saai, een soort petank gravelbaan waar ook auto's rijden en iemand midden op de weg zijn gevoeg heeft gedaan. Top idee. De afdaling is iets lastiger, het is ook een beetje vochtig, en er hangt wat mist. Hier staan de vlaggetjes veel verder uit elkaar dan we gewoon zijn. Het is wel duidelijk dat de toppen nu minder hoog zijn.Gemakkelijk is het niet, maar het mega afzien of dat laatste steile puntje is er niet meer bij. 

Zaterdag

Midden in de nacht komen we aan een checkpoint met mega goeie pannekoeken. Ik vertrek en kom iemand haar evil twin (An) tegen. Ik weet dat er nu nog een hele moeilijke km aan zit te komen. Na de koeien op km 133 of zo gaat de weg van bergop, plots naar degoutant steil. Een soort helling dat de volgende meter in uw gezicht staat te duwen. Elke trede is vechten geblazen, elke stap is er eentje te veel. Een pauze doet deugd maar schiet natuurlijk niet op. Ik krijg bijna heimwee naar de fenêtere d'arpette, alleen met meer gras. Maar ook deze helling gaf zich gewonnen, hoewel er direct na nog een speedbump op de weg lag.  

De rest van deze sectie is lang en saai. Gelukkig brengt  de nacht wat slaapdeprivatie met zich mee en zijn milde vormen van slaap fantasieën. In de plassenherken ik de gekste dingen herkennen en geniet van de fratsen van mijn brein. Ik amuseer me te pletter op de vrolijke deuntjes van de nieuwe snaar. Het einde van de bergtocht komt toch in zicht, nog maar 2000 meter stijgen en 4000 dalen.

Weer een ravito met daarin en oxo soepke, raclette, spuitwater gemixed met cola. Ik kan weer vertrekken voor een easy stukje. Ik slaag erin om volledig in de plas met modder springen ipv erover. Heel de schoen vol modder, tot de kousen toe. Nog 1 checkpoint, de dag is er bijna en het is nog maar een km of 20. Ik kruip nog 15 minuten op een veldbed omdat ik sterke benen wil hebben voor de laatste mega afdaling en op die manier heb ik straks een mooiere zonsopgang gok ik.

 

We verlaten met veel lopers tegelijk deze checkpoint. Een centurion van de 360, stokkenlopers en oude knarren. De zonsopgang is machtig en de afdaling begint eindelijk. Op dit stuk ruik ik de finish. Mijn energie peil is weer hoog en ik maak heel veel treuzel kilometers van afgelopen nacht weer goed.Ik raap nog een aantal wandelende lijken op en loop alsof mijn leven ervan af hangt de berg af. Slechts 1 Italiaan is sneller dan mij. Volgens mijn horloge loop ik maar 7 per uur, maar in mijn hoofd het lijkt het eerder 14 per uur. Beneden aan het meer aangekomen blijkt de aankomst 2 km verder naar rechts te liggen. Het is ver maar het kan de pret niet drukken. Ik kom aan en stort neer in het gras. Dank aan de Zwitserse toppen, ze hebben zich niet zomaar prijs gegeven maar stiekem weet ik dat ze me hier nog gaan terug zien.  Zalig trip, goede organisatie ik ben mega dankbaar.



dinsdag 1 juni 2021

GTLC 100 mijl 2021, u doet toch ook mee?

De GTLC of de Grand Trail Des lacs et Chateaux 100 mijl was de eerste wedstrijd in 9 maanden door die verdomde corona golven. Er was een hele sterke opkomst van de krakken in het genre en 100 mijl maagden. Het weer was alvast prachtig, niet te warm en niet te koud in de nacht. De bedoeling was een front te vormen met Bram en Gerald, Jeroen, Fanny en Merijn. 

Met nieuwe schoenen ging ik op pad. Op zich goed gerief. Zeer comfortabel, tamelijk veel grip en weinig lokale bleinenvorming.  Maar de opvolger van de xodus iso3 van Saucony heeft twee gebreken. Zo flapperen de zolen naar voren als ze nat zijn en op den duur hoor je de zool piepen. Zeer irritant voor nieuwe schoenen. Soit ik leef nog.


Mijn ontbijt  bestond uit 2 sandwishkes honing vergezeld met een halve pizza Hawaii. Als je het mij vraagt een aanradertje, zeker die bonus van de hele nacht pizzageur in de kamer. Om 4 u 38 werden we de start over geduwd en ging ons pact om samen met Merijn, Fanny en Jeroen te starten al naar de haaien. Ze vertrokken 7 minuten later maar hadden ons al snel ingehaald. Ik vond de eerste 10 km van het parcours geweldig mooi. Inclusief die kuitenbijter na 7 km. Dan direct een kasteel uit de jaren 90 en nog wat lacs met mist op. Den toer panomarique was een feit.

We haalden die eerste kilometers heel wat bekend volk in zoals Ann Baert, Sander Boom, Raf Willems, Karen Cluckers en Claudia Hanish. De sfeer was opperbest er werden luide liederen gezongen over onze helden daden. Tijd voor wat river crossings.

Ik kan wel een river crossing smaken, verfrissing is altijd welkom. Alleen beginnen daarna mijn zolen te flappen bij steile afdalingen, gewoon lastig lastig lastig. Op volgende ravito dient zich een eerste kledingswissel in, van lange naar korte mouwen is geen slechte keuze, redelijk warm in het zonnetje. Fanny voelt zich precies goed in haar sas. Eerst wacht ze nog even op ons, maar ze vertrekt toch 2 minuutjes voor ons. We hebben haar niet meer gezien, de titanen vrouwenstrijd was een feit. Mega race Fanny!

In het volgende stukje vond Merijn het nodig om eens goed tegen de vlakte te gaan en zijn knie als rem te gebruiken. Niet zo slim, maar ja Merijn blijft gaan. Ik heb nog veel in achter de Merijn mogen doorbrengen. Man of the dust. Ik genoot ervan het thuisfront te zien die toevallig op hetzelfde moment aan het CP stonden.  

Het volgende stukje was ietske minder. Bram kreeg knie steken die erger en erger werden. Een pijnstiller dus, hap slik beter. Ik had wat weinig energie door al die zon en moest toch even een minuutje gaan liggen. Op de CP zat ik heel diep. Een lege tank sapperdeboere. Maar een pintje en een dik half uur later was ik weer bijgetankt. Halfweg dus. Gerald zelf is ne stille genieter. Af en toe een klein dipje maar dat krijgen we steeds achteraf te horen :-)

Op de trails komen we Bob en Mathias vaak tegen, ze doen het lekker op het gemak en gaan iets sneller door de CPs. Door het warme weer fantaseren we over de beste ravito ter wereld. Blijkbaar is een Calippo de ultieme snack. Ik krijg er ook wel goesting in. 5 km na de checkpoint komen we langs een station met de uithangbord van ijsje! Verdorie net gesloten. Maar de teleurstelling is van korte duur. 10 seconden later zien we een vlag van een frituur hangen, en ze hebben ijs! Maak kennis met de Calippo boys! Mathias en bob hebben ook zitten lekken dat het geen naam had. D+ Hilde en kornuiten staan langs het parcours en moedigen de Calippo boys aan, heerlijk. Willen jullie een hotdog? Ha nee, ijs en hond gaan niet samen :-).


De vrouwtjes staan op de volgende CP en dat doet deugd. We worden in de watten gelegd en ze wandelen zelf een stukske mee op de track. Jeroen is mee met ons en hij loopt heel goed. Een beetje een lastige maag maar zijn benen zijn spring levend. Zo gaan we de nacht in. Jammer maar Bram zijn steken in de knie komen terug. Omhoog is hij niet te volgen, hij heeft een echte Warriors Spirit. Maar in de stukken omlaag, zeker die stijl zijn, moeten we de tank en mister delivery even intomen.
Ons tempo blijft rond de 10 min per km hangen wat op zich zeker niet slecht is voor dit terrein.

Net voor 24 uur pakt bram zijn 2de pijnstiller als verjaardagskadooke. Jammer maar die werkt dus niet. De vrolijke kornuiten laten de moed niet zakken en zingen happy birthday in den bos. De zwijntjes, herten en eenhoorns weten nog steeds niet wat er daar op 30 mei 2021 zich afspeelde. De nacht is lang zoals altijd. Maar we gaan door en door.

We komen Gio en Steven voor de 100 ste keer tegen. Wij halen ze in op de track, maar zij zijn sneller weg in de check points. Het lijkt wel haasje over. Gio had pas 4 dagen geleden beslist om mee te doen met deze trail. Steven heeft wat last van de maag en is op zoek naar een knusse boom om tegen te knorren. We halen nog wat legends memories op en zo verstrijkt de tijd. Malmedy by night, moet je ook eens doen.

Nu moet ik het toch eventjes over mijn en anderen hun benen hebben. Ik was de 7 dagen ervoor mijn Seroto brodders Rik & Kevin gaan aanmoedigen in hun wereldrecord trappenstijg en daal. Een vette Tripple Everesting op de trappen van Bueren in Luik dus. Ik liep ocharme 4 uurtjes mee, wat heel plezant was. Maar ik heb daarna nog heel de week pijn aan de kuiten gehad. Die stonden op ontploffen. Pas de dag van de 100 mijl had ik frisse benen, zalig toch. Tijdens de hele race had ik geen moment last van de beentjes, we knalden elke helling op met dezelfde kracht. Gerald met zijn cheatsticks en Bram met zijn natural born climbing legs zijn hele goeie klimmers en ik volgde hen gestaag. Dplus dinsdag was dus een heel goei sausje. Jeroen Ost zijn bovenbeven waren leeg, leger leegst en toch bleef die gozer voor ons huppelen en smeert hem ons nog een uur achterstand aan ons broek :-) Steven de schutter had de gewaagste outfit. Die trok zijn broek tot ver in de poep zodat we zijn melk kannen echt goed konden bewonderen. 10 op 10 voor trailstijl!

In Coo moesten we eerst een ere rondje lopen langs de stuwing, dan de Ravito en pas daarna de vertikale kilometer aangaan. Harry had zich een beetje vergist en moest het ere rondke nog lopen na de ravito :-) In die ravito heb ik dingen gezien, te zot voor woorden. Te weinig warme dekentjes, mijn laatste dropbag en door een dubieuze kledingwissel per ongeluk de billen van de Gerald. Marijke hield ne grote handdoek in de lucht, maar ik kwam langs de verkeerde kant  met mijn pillamp in zijn snee ;-)

 Na 4 uur stak Bram nog een pijnstiller in, nu van een ander merk en Eureka, deze werkte. We konden terug bergaf en vlak lopen, dus zo gingen de kilometers ietsjes vlotter voorbij. Ons trail karavaan haalden stevig wat volk in, maar Jeroen en Andy waren we kwijt. Net voor de laatste ravito moesten we een geaccidenteerde helling op, steil en vol omgehakte bomen.  

De laatste 17 km van het parcours was er nog de gebruikelijke miserie. Mooie omgeving, maar net te moe om daar foto's van te pakken. Je hebt je beste vrienden mee, maar je bent te moe om het hen te zeggen. De weg is vlak, maar net te moe om hier nog op te knallen. Toch vinden we soms de energie om af en toe terug wat de ultra shuffle dance te beoefenen. We slagen er in om voor 9 uur de skipiste te bereiken. Wat een prachtige finish is dat. Bram zijn eerste 100 mijler is binnen.  28 u en 17 minuten, 163 km, 5830 hoogtemeters, 60 uitvallers en we eindigen ongeveer plaats 35, 36,37. Niet slecht.

Kijk hiervoor doe ik het, vriendschappen smeden, elkaar helpen bij toffe en moeilijke momenten en dat in een prachtige omgeving. Ik heb me nog echt eens een tank gevoeld, een lege en een volle. Praise the trailgods! Dikke merci aan iedereen X




maandag 2 maart 2020

Legends Trail 260k Finisher

Dit is mijn verslag over het grootste avontuur van mijn leven. Het verslag is lang, zo lang als de tocht zelf. Ik schrijf het enerzijds als therapie en anderzijds als de lofzang voor mijn alter sport ego (frank de tank)  Ik begon in 2019 met 100 mijlers te lopen en het blijkt toch een beetje mijn dingetje zijn. Loop je 4 wedstrijden van deze organisatie in 1 jaar tijd, heb je een slam te pakken, 2019 - 2020 is mijn slam jaar. The Great Escape en Bello Gallico gingen voortreffelijk.
Door de slam krijg ik maar 2 maanden voorbereiding voor de Legends trail, een non-stop wedstrijd van  260 km lopen met meer dan 8000 hoogtemeters op maximaal 65 uur tijd (route). Slapen doe je buiten en er zijn geen pijltjes voor handen. Ik maak in deze periode een paar nieuwe vrienden aan zoals Addie, Merijn, Ivo en Thomas. Elk met zijn eigen karakter, ervaring en goede raad. Een lopende mensch moet niet veel meer wensen.
Ik krijg wel met een paar kleine tegenslagen te kampen. Een omgeslagen enkel, een val met gescheurde broek en openstaande wonde, niet zo plezant. Maar zulke akkefietjes krijgen mij niet klein, ze dwingen me wat meer rust te nemen. Ook uit de King of the Hill Extreme 2 weken voor de finale leer ik nog veel bij. Schuiven in de modder kan voor stijve beentjes zorgen. Maar ja, ik ben er klaar voor. Slapen, en voorbereiden is nog het enigste dat ik kan doen.

Vrijdag
Thomas komt aan met ne snotneus, ik sta moe op, mij pa brengt me. We zien Addie en Merijn. Het zal wel lukken zeker. Het startschot weerklinkt. Al na 1 km zitten we op de verkeerde route, tja de leider best niet volgen, hij gebruikt enkel de kaart. Door wat foto's te trekken raak ik achteraan bij de vrouwenmeute. Toch ietsjes te gezellig daar, ik moet wat tempo maken. 
Beetje bij beetje haal ik volk in en besluit mijn gsm af te sluiten om batterij te sparen. Ik haak aan bij een groepje goede lopers, maar ik krijg ze er net niet af op dit verrekte parcours. Steven de Schutter, Giovanni, en Jeremy lopen met me mee. Weet ik veel dat deze klassebakken allen zullen finishen 🥴. Gsm opzetten voor een status update. En bam.... Pincode lock, ik was vergeten dat ik nieuwe provider had. Geen muziek, geen thuisfront, boehoe hoe. Tankt voelt zich behoorlijk stom.
Ik loop verder en kom uiteindelijk bekende gezichten tegen. Addie, Thomas, Matthias en Mike Bruce. Tanker Addie regelt dat de tank weer kan communiceren met de thuisbasis, waarvoor 1000 maal dank, zo is lopen toffer. We halen drank in een café, ze vragen waar we naartoe lopen, euuh goede vraag. De ahele Ardennen zeker :-) Cp1 op 60 km is in zicht.

Zaterdag
In CP1 bekijk ik mijn voeten, beikes ik ga bijna over mijn nek. Loopgraaf voeten in het vizier, of valt het nog mee? Pijn heb ik niet en er is verzorging. Voor het eerst maak ik kennis met de zaligheden van de organisatie. Ze zorgen ervoor dat de loop zelf episch is: lang, hard, zwaar brak terrein, in het top orkaanseizoen, maar in de checkpoints is niks hun teveel. Service to the next level.


Addie, Mike, Jeremy en 2 sympathieke Denen (Ras en Poul) zetten er stevig de pas in. Onderweg rapen we Marjan de Roemeen op. Een man met veel ideetjes, en passie. Maar ook veel slaapgebrek. Deze etape is de langste, met de meeste hoogtemeters. De muur van Aywaille, de Chefna, de Ninglispo in een sausje van natte voeten, zorgen ervoor dat de beentjes goed getest worden. We zullen niet met al te veel overschot eindigen. Plots heeft Jeremy er genoeg van en duwt op de gaspedaal. Die zien we niet meer terug, de 2 Denen verdwijnen mee in zijn stofwolk. Addie, Mike en ik lopen de etappe rustig uit. Maar eerst gaat Mike ne keer goed tegen de vlakte en gebruikt zijn knie als stootkussen. Het licht gaat weer uit, de nacht van zaterdag valt. Het weer begint de keren, de uitgestelde storm wakkert aan. We zijn nu ongeveer 24 uur bezig en zitten op 124 km.

Na CP2 lopen we de hoge Venen tegemoet. Een etape van 38 km vatsige troep, maar in goed gezelschap. Marjan heeft rare pijntjes en Addie blijft veel sneller vooruitgaan. Tegen het einde van deze etappe naar 160 km is veel duidelijk geworden. De helderheid verdwijnt, ik ben dood op. Mike moet me tot 2 maal toe redden met de navigatie. Ik ben wel niet de enige die last heeft van slaap deprivatie, Leif den dolende Barkley Noor is me ondertussen in zowat alle richtingen voorbij gehost. Omhoog als het rechtdoor moet, rechtdoor als ie moet dalen. Deze 38 km hebben ons heel veel tijd gekost. Addie is niet meer te houden, hij reist solo door, op weg naar de best mogelijke plaats. Wie weet kan hij Jeremy nog inhalen? De vliegende Hollander roetcht weg.

Zondag
Op CP 3 eet ik weinig, ik geef per ongeluk bevelen ipv. vragen voor hulp, ik moet dringend onder de wol. Maar wol is een eufemisme, denk aan kletter regen, natte tegels met daar een verzopen matje op. Ik kruip in een slaapzak omhuld door een slecht sluitende slappe slaapzak-condoom. Het duurt veel te lang eer ik er deftig in zit en het voelt absoluut niet comfortabel. Slapen, hoe doe je dat als je dood moe bent?  Ik neem een beeld voor mijn ogen en begin te dagdromen. Is dit een bad trip? Een droom? Bivak gestaar? Heb ik echt geslapen? Wie zal het zeggen? Ik kom terug tot besef, zwaar en diep ademhalend, minstens een soort reset van mijn hersenstam. Dju ik moet plassen. Eruit dan maar, ik moet me klaarmaken voor de laatste 100 km. Ergens was deze microslaapervaring therapeutisch en verfrissend tegelijkertijd, we kunnen er weer tegen. Hup met Mike lekker 40 km op tocht.

We amuseren ons, klungelen wat en worden ingehaald. Mike is super gezelschap, ik kan hem aan iedereen aanraden. We zijn moe, maar nog minstens even sterk en zo gaan we verder. Het weer valt best mee. Mike heeft enkel last met het afdalen, omhoog gaat prima. Na een hele poos is er een soort wiskundige tijdsformule die ontploft in mijn hoofd. Als we aan dit tempo voort bewegen, samen met de nodige rust in het volgende CP, zullen we slechts 1 uur buffer hebben op de cut off! En dan hebben we nog meer km, hoogte meters, vermoeide benen en een nacht erboven op. Dat spoort absoluut niet met de tank zijn missie en ik blaas de oorlogsmissie nieuw leven in. Er ontploffen adrenalinepompen in mijn hersenen en zonder moeite sprint ik naar de 2 koppels die ons eerder op de dag inhaalden langs de geile zwanen. Steven en Gio en Thomas en Matthias moeten eraan geloven. Ik maak op korte tijd veel tijd goed en na herberekening kan ik met 2 uur buffer de cut offs vermijden. Dat valt te pruimen en de tank valt weer in slaap in de voetsporen van Thomas en Matthias.
Vrouw en kinderen in vizier? Is dit een fantasie? Een fata morgana? Hallucinaties? De beste dag van mijn leven? Wat een geweldig plan, Tine heeft zich me de kindjes op het best mogelijke ogenblik van de hele race opgesteld. Ze praten me nieuw moed in, knuffelen me recht en sturen me verder naar ons nieuwe rendez-vous point. Nog 10 km en de tank kan bijtanken in neutrale zone.

In het laatste CP geniet ik van de aandacht van vrouw en kinderen en beetje bij beetje kom ik terug op krachten. De kledingkeuze is wel triestig, bijna alles is nat en ik moet improviseren met basis laagjes en reserve kledij in de rugzak. Vlug vlug pak ik mijn doorweekte handschoenen mee. Hier had ik beter keuzes kunnen maken, ze werden me bijna fataal.

Maandag
In de laatste etape van 60 km komen we direct in zware vochtige wind terecht, ijskoud gewoon. Ik laat mijn 2 gidsen navigeren en hang maar wat aan. Er is zelfs een fotosessie geregeld. Maar de storm blijft duren. Thomas, Mathias en ik koelen heel snel af. We besluiten om bij een huis om hulp te vragen. Treuzelen is niet goed, we krijgen we het er alleen kouder van. Net op tijd vindt Thomas een vrouw die 3 föhners heeft liggen, salontrailerkes da wij zijn. Snel opwarmen en baselayers in de juiste volgorde steken is de boodschap. Ik heb niet de juiste kleren mee, de foute natte handschoenen, mijn gekregen poncho vergeten en ik zit met een doorweekte KW en tussenlaag. Dit kan nog knap lastig worden. Nu lopen we wel tegen de wind in, waardoor we de koude iets minder voelen, maar mijn armen krijgen nog de volle laag. Plots zien we een schuur en is er een genie dat oppert om onze rescue bag te gebruiken als kledings-buffer. Ultra goed idee, ik vind nog een ongebruikte vuilzak en maak er een beste vriend van voor de rest van deze barre tocht. De buffer helpt en ons tempo was hoog. Nog maar een marathon en we hebben tijd genoeg. Vuilbak racer in hart een nieren.

We enteren partytent Chez Ingo, een bonus checkpoint met koffie, cola en krokskes. Dat doet deugd, maar we mogen niet treuzelen. En hopsakee, het punt op min 12 km is op tijd binnen. Deze kilometers gaan traag vooruit, met veel hoogtemeters kom ik uiteindelijk boven de Everest terecht. Alles is nat, de rotsen, de modder, de oever, mijn onderbroek,... Gio, Matthias, Thomas en ik hiken de laatste 5 km naar de eindmeet. Het is binnen, we eindigen allen 5des denken we. Maar how how how dat is buiten Adriaan gerekend, geen salonremise voor ons.


Als een ridder die zijn paard moet inhalen raast hij voorbij. Ik loop er snel naartoe en wijs hem op zijn denkfout. We waren van plan samen te eindigen. No way chozeej zegt ie. Hij heeft deze tocht al genoeg hulpbehoevenden voort gesleurd. Nu wil hij knallen, hij is al 3 uur alles aan het geven en denkt er niet aan om nu in te binden. Ik mag wel voor mijn plaats strijden.

Weer ontploft er iets in mijn hersenschors. Een strijd na 268 km? Een sprint op leven en dood? Of voor de 5de plaats?  Waarom niet, de tank heeft dit nog nooit gedaan. Maar een potje oorlogsvoering in het heetst van de strijd, daar zegt ie geen nee tegen. Adrenaline zorgt ervoor dat alle vermoeidheid weg valt, ik lijk te zweven over de laatste Legends obstakels. Omstaanders zien 2 lopers verdwijnen in een wolk van heldenstof. Dwars door de plassen, over boomstronken lopen we zij aan zij. Adriaan heeft een hele fiere, sterke tred. Ik doe mijn best hem net telkens een stap voor te blijven. Alfa mannetjes ;-) Dan komt de muur van Wibrin in het zicht. De tank bijt zich in de heuvel en geeft niet op, Adriaan sneuvelt aan de voet. Victory is mine, puffend en hijgend triomfeer ik boven aan de helling. Ik zie mijn vader en kom moe maar voldaan binnen. Per ongeluk doet mijn tracker raar en voorlopig sta ik op de 5 de plek, terwijl Adriaan plek 4 krijgt. Blijkbaar is onze slaapdronken Noor iets te veel mis gelopen en teruggestuurd door Tim de race director.

Dit nemen ze me nooit meer af. Ik behoor nu tot een select clubje van Legends finishers. 15 van de 52 lopers zijn erin geslaagd de tocht te voltooien binnen de gesteld tijdslimiet. Bedankt Adriaan voor deze eindstrijd. Bedankt aan iedereen die me steunde, stip kijkend of via de sociale media. Ik ben zeer tevreden van dit avontuur. Het was het mooiste, hardste, langste en meest memorable loopweekend ooit van mijn leven. Dank aan mijn schoenen, mijn horloge, mijn kreuner klakske, mijn rugzak en de vuilzak. Volgende keer zorg ik voor professionelere klederdracht en ga ik voor slimmere voet verzorging. Dank aan alle vrijwilligers zoals Frank Lintermans, dank aan Seroto om mij op dit pad te zetten. Dank aan Adam en Rik voor het licht in de duisternis.


Voor het thuisfront heb ik nog 1 mentale tip die ik kreeg van mijn zoon:
Rob : Papa als je het zwaar hebt tijdens de race, denk dan hier aan. Het is zwaar om je huiswerk te maken, maar het einde is altijd in zicht!





zondag 12 januari 2020

Tankers Pre legends offensief

 Met 5 trokken we op pad. Onze missie van de dag  was het materiaal testen, teambuilding en ervaring op doen voor de legends trail. Een tocht van 250 km door de Ardennen, zelfs 500 voor Merijn.
Rekruten: allemaal Tankers, trail lovers, trainingsbeesten, graptrailjassen. Ik stel ze even voor.

Merijn : navigator, legends 250, bello gallico, great escape finisher, modder goeroe, aotb winner, inspiratie bron voor de tank. Vrijwilliger bij legends organisatie.

Thomas: tandarts, finisher of : swisspeaks 170k , marathon dus sable, bello. Karel sabbe apalachean trail record setter, aks the calf.

Mathias: ill recuperator, bello metgezel van de tank. Après work trailer. Na deze missie schrijft hij zich in voor Legends 250.

Addie : slammer to be, Finisher bello, great escape, trail triathleet, 150k trainingsweek frequenter. Nl finest.

Frank de Tank : slammer to be. Finisher bello, great escape en murathon. Seroto gang member. Observator. Komt op dreef na 80 km. 


Wapenfeiten:
1 geperforeerde swisspeaks schoen, een ontplofte tankshort, een tankpullover vol gaten, 1 kapotte handschoen.

Navigatie skills : combi horloge, gps64sx is een voltreffer. Enkel de start was wennen geblazen.

Horloge batterij tank : nog 67 percent over de dag nadien met fenix 6x pro, niiiiice.

Rantsoen nu en voor later : negerinnetetten, nougatti, chips, bokes, nootjes, repen, gellekes, m&ms, chocovit, eurodeals, havermout bommen.

1 nieuwe legends inschrijving, go Mathias de deken.

De tank heeft het La buis segmentje downhill verbeterd. Desnoods nog aan te maken. Na 12 km schuiven op beton met mos is  absoluut geen aanrader. Dokter Merijn heeft de oorlogswonden mooi verzorgd met zijn medikit. Het bevat een heel klein schaartje, desinfecterende doekjes, afspoel water, anti wondgaap seri strips en goei plakkers. Ondertussen is Thomas goed gaan bratsen en ook dat zag er niet schoon uit. Nog maar 50 k te gaan 🤦🏻‍♂️.

Regenbroek decathlon is een waardig alternatief voor een verschredde tankshort. De tank heeft nu blauwe plekken op zijn gluteus maximus en tussen zijn wangsneewangpang.

Steentje in tankschoen genaamd 'lil whopper'.

Na de missie heeft ons tempotankteam nog een veilige perimeter met politie afgezet rond een Franse hooligan.


Record zuurtjes in de mond fretten is gezet door Thomas. Hij at 4 donuts en een zak zuren beren, maar wel binnen de 15 min op, een tandje bijsteken noem ik dat. Die heeft veel haar op zijn tanden. Ik stond echt met mijn mond vol tanden.

Bezoek tank bij dokter wapenfeiten:
Er zat nog veel vuil in de wonden. Normaal moet je naaien binnen de 6 uur, nu was het behelpen geblazen. De dokter ging over op een lokale verdoving zonder tequila of stokje in de mond. Dan de gapende wonde grondig kuisen met een tandenborstel, een beetje naaien en nu antbiotica voor een week. De tank moet nog minstens 2 keer op onderhoud voor het gepunnik te onderzoeken.
En ja hoor de tank heeft dokter als nieuwe strava volger 😎 , handig voor toekomstige wapenfeiten.

 

Conclusie : Het reisgezelschap heeft 61 km prachtige legendskilometers, met 2300 positieve hoogtemeters afgelegd op 10 u 5 min. Het tempo van 10 min per km met pauzes en wandelsessies is een echte opsteker. We zitten met een positieve geoliede oorlogsmachine, praktisch klaar voor de legends. Missie geslaagd.  Tank aan iedereen voor deze gewel(da)dige dag.

De tank 11 01 20 20